Interview met Hendrik-Jan van Arenthals
Interview met Hendrik-Jan van Arenthals Intro
Zeeland wil in 2050 een hotspot zijn voor talent en unieke opleidingen aanbieden, waardoor minder jonge Zeeuwen de provincie verlaten en Zeeland aantrekkelijker wordt voor nieuwe inwoners. Hendrik-Jan van Arenthals, bestuurder van Scalda, beschrijft hoe Zeeland 2050 eruit zou moeten zien om dat te bereiken.
Vraag 1 aan Hendrik-Jan van Arenthals
Hoe kunnen we met beter onderwijs Zeeuwse jongeren in de provincie houden en studenten van elders hier naartoe halen?
“Dat kunnen we doen door de goede dingen we nu aan het ontwikkelen zijn en die we al hebben, verder door te ontwikkelen. Wat uniek is in Zeeland is de manier waarop mbo, hbo en wo in Zeeland met elkaar verbonden zijn, zowel in opleidingen als in onderzoek. Het mooiste voorbeeld is het Delta Climate Center, waarin we kennis-gedreven onderzoek van het wetenschappelijk onderwijs en het toegepaste en het praktijkgerichte onderzoek van het hbo en mbo combineren. We kunnen niet alleen een toonaangevend onderzoeksinstituut
worden maar, doordat we zo in de praktijk wortelen, ook van betekenis zijn voor de maatschappelijke vragen die er nu liggen. Denk aan de zoetwaterproblematiek, veiligheid rond de zee en de dijken en de wens om de groene krachtbron in 2050 verder te ontwikkelen. Wat ik daarnaast heel krachtig vind, is dat we meer dan waar ook in Nederland binnen de bedrijven en instellingen opleiden. Daardoor worden studenten niet alleen gebonden aan een bedrijf, waar ze vaak blijven werken als ze er stage hebben gelopen, maar blijven ze ook in de regio. Bij Scalda doen we dat eigenlijk in elke sector, in allerlei varianten. De HZ doet dat nu vooral nog bij de Opleidingsschool Zuidwest voor het basisonderwijs en in de zorg, maar dat kan op meer gebieden. En tot slot: omdat we in Zeeland korte lijnen hebben met de praktijk, weten we heel goed wat het bedrijfsleven nodig heeft. Zo kunnen we ook de na- en bijscholing, het Leven Lang Ontwikkelen, heel eenvoudig koppelen aan onze opleidingen en kunnen werknemers via onze opleidingen worden bijgeschoold.”
70 basisscholen dreigen in 2030 verdwenen te zijn ten opzichte van de 190 in 2015.
Een eerste community college in Zeeland
Vraag 2 Hendrik Jan van Arenthals
Hoe ziet het ideale Zeeland in 2050 eruit?
“Als ik een beetje realistisch droom, zie ik dat veel van de dingen die ik noemde er al zijn. Het Delta Climate Center is er nu voor tenminste tien jaar. Alle andere initiatieven beslaan een korte termijn, zijn vaak redelijk ad hoc en daarmee kwetsbaar. Waar we naartoe zouden willen, is dat we voor veel langere tijd een commitment aangaan met bedrijven en instellingen. Dan kan er veel meer.
Het ideaalmodel voor mij is iets als wat in de VS het community college heet. Dat zijn heel brede opleidings- en onderzoeksinstituten waar je praktijk-georiënteerde opleidingen kunt combineren met theoretische. We dromen van een systeem waar je als student en als werknemer een enorm palet hebt om je weg in te zoeken, om je te ontwikkelen, je carrière vorm te geven en waar je moeiteloos op je eigen tempo de dingen kunt doen die bij jou passen en die je nodig hebt. Dat is nog ver weg in Nederland en bestaat ook nog niet in Europa, maar ik zou het mooi vinden als we dat in Zeeland als eerste kunnen waarmaken.”
Interview met Hendrik -Jan van Arenthals foto onderwijs
Vraag 3 Hendrik Jan van Arenthals
Hoort daar ook een Zeeuwse universiteit bij?
“Wat we nu hebben, is uniek en waardevol en krachtig. Wil je echt betekenisvol zijn in Nederland en wil je dat voor Zeeland echt ten volle benutten, dan moet het mogelijk zijn dat hele spectrum af te maken. Dus ook masters kunnen doen en een proefschrift schrijven. Ik denk niet dat er in Zeeland een nieuwe zoveel
universiteit zal komen, maar ik hoop dat we bestaande universiteiten zodanig kunnen verleiden dat ze zien: dat Zeeuwse systeem is zo mooi en biedt kansen die we nergens anders hebben, wij gaan vanuit Delft, Eindhoven of Gent de mogelijkheid bieden in Zeeland die master te doen. En dan uiteraard in samenwerking met de Zeeuwse kennisinstituten. In eerste instantie vooral op de terreinen als delta’s, veiligheid en voedsel, waar we al sterk in zijn. Een beetje zoals het Delta Climate Center, maar dan breder.”
Vraag 4 Hendrik Jan van Arenthals
Wat is er nodig om dat ideaal te bereiken?
“Dat we van ad hoc samenwerking, vaak kortstondig en subsidie-gedreven, gaan naar echt preferred partnerschap. Onderwijs en bedrijfsleven moeten zich realiseren dat ze van elkaar afhankelijk zijn en samen een ecosysteem vormen. Van mij mogen bedrijven veel invloedrijker zijn in het onderwijs, mits ze dan ook het commitment geven dat daarbij hoort. We kunnen niet een school veranderen voor drie of vier jaar, dan heb je het over decennia. We hebben het bedrijfsleven nodig om vakdocenten te leveren en bijvoorbeeld een loonkloof te overbruggen. Bedrijven hebben ons nodig voor goed opgeleid personeel. Voor bedrijven zou hybride werken een uitkomst zijn, waarbij bijvoorbeeld
oudere mensen, voor wie het werk fysiek wat zwaarder wordt en die dat kunnen en willen, één of twee dagen per week voor de klas staan of praktijkbegeleiding geven. Dan snijdt het mes aan drie kanten. Zeeland heeft een paar sectoren die goed georganiseerd zijn en waarmee we goed samenwerken, zoals de zorg. Maar er zijn ook sectoren waar de organisatiegraad veel lager is en waar niet zelden de langetermijnvisie wat minder aanwezig is. Daar kan de overheid een verbindende, stimulerende en soms ook een structurerende rol spelen. Daarnaast is het aan de overheid om belemmeringen weg te nemen. Als opleiders hebben we momenteel bijvoorbeeld veel last van de scheiding tussen publiek en privaat geld. Neem die belemmeringen weg en gun ons dat we als beroepsonderwijs de rol van preferred partner gaan spelen in na- en bijscholing.”